Binnenland

‘Frisia gezonken door menselijke fouten’

23-10-2017 13:59

AMSTERDAM (ANP) – De eind 2010 ten noorden van Terschelling vergane schelpenzuiger Frisia is gezonken door menselijke fouten, niet door gebrekkige veiligheid of onvoldoende toerusting. Dit zei reder Matthijs van der P. (65) maandag voor de rechtbank in Amsterdam.

Bij de scheepsramp, bijna zeven jaar geleden, kwamen de drie opvarenden om het leven. Schipper Jan Tuin (46) werd nog levend uit het water gevist, maar overleed in het ziekenhuis. Het lichaam van stuurman Jannes Lap (49) spoelde aan op Terschelling en het stoffelijk overschot van matroos Steven van den Broek (19) werd bij het wrak in de haven van Harlingen gevonden.

Van der P. staat met zijn bedrijfsleider Klaas B. (48) en diverse werkmaatschappijen terecht, omdat justitie vindt dat zij schuldig zijn aan de dood van de drie opvarenden. Het schip zou gebreken hebben gehad en overlevingsspullen zouden niet in orde zijn geweest. Zo zou een van de speciale overlevingspakken niet hebben gepast.

Vissen

Van der P. noemde de beschuldiging dat hij een loopje had genomen met de veiligheid maandag ,,een steek in het hart". Volgens hem is de ramp veroorzaakt door het besluit de bewuste avond vanaf de Waddenzee buitenom over de Noordzee terug te varen naar het Groningse Zoutkamp. Daar moest de schelpenvangst worden gelost.

Schipper Tuin kon zo tijdwinst boeken ,,maar hij had het nooit moeten doen", zei de als getuige opgeroepen collega-schipper Jan Bolt maandag. ,,We hadden die dag samen gevist. Toen ik hem niet meer zag, heb ik gebeld. Waar zit je?, vroeg ik. Jan zei dat hij buitenom voer. Omdat het van zee harder begon te waaien, heb ik nog gezegd: niet doen, kan niet. Maar hij ging het toch proberen, zei hij."